Gelijk voor de wet? Waarom een van je kinderen voortrekken niet oneerlijk is

Door -
differentieel opvoeden
getty images.
Het ene kind is het andere niet. Al je kinderen op exact dezelfde manier opvoeden, is dan ook niet haalbaar én zelfs niet wenselijk. Gezinspedagoog Philippe Noens: "Wie de lijn voor al z'n kinderen zomaar gelijktrekt, gaat voorbij hun unieke eigenheid. En laat dat nu net de sleutel voor een bloeiende persoonlijkheid zijn."

Het recht om voorgetrokken te worden

Alle ouders houden evenveel van hun kinderen, dat staat buiten kijf. Dat je al die kinderen daarom in de praktijk ook exact op dezelfde manier moet opvoeden, wil dat helemaal niet zeggen. Integendeel zelfs: elk kind heeft het recht om voorgetrokken te worden, zo redeneert gezinspedagoog Philippe Noens in het boek ‘Broer of zus, de match van je leven’. “Hoewel elk kind even welkom en graag gezien is, vertrekt geen enkel kind gelijk aan de streep, zelfs niet binnen één gezin. Kinderen verschillen nu eenmaal in leeftijd, volgorde, geslacht en temperament. Hoe jonger een kind, hoe meer zorg en aandacht het nodig heeft bijvoorbeeld. 

“Daarnaast heeft elk kind ook een eigen unieke persoonlijkheid, met eigen talenten en eigen interesses. Ook die verschillen in temperament en karakter nodigen uit tot een aangepaste opvoeding. Het is dus heel normaal en zelfs wenselijk dat elk kind de aandacht en aanpak krijgt die het nodig heeft. Wat meer doen voor een kind met een bijzondere opvoedingsvraag, bijvoorbeeld een gedragsstoornis of een handicap, is niet meer dan fair. De anderen moeten zich niet tekort gedaan voelen. Ze hebben immers het geluk die nood of beperking niet te hebben.

Hetzelfde geldt voor meer ‘gewone’ opvoedingssituaties. Stel nu dat je ene kind bijzonder graag en goed kan zwemmen, dan zou het zelfs bijna unfair zijn om daar niet een beetje extra tijd voor uit te trekken. Zolang je als ouder maar beseft dat al jouw kinderen wel aanleg hebben voor iets. Te veel bezig zijn met de ontwikkeling van een bepaald talent bij een bepaald kind maakt veel kans om door broer of zus als unfair beoordeeld te worden.”

Fair opvoeden: evenwicht bewaken

Om je kind zoveel mogelijk te stimuleren om uit te groeien tot die volwassene die hij wil worden, houd de gezinspedagoog dan ook een warm pleidooi voor ‘differentieel’ of ‘ongelijk’ opvoeden. Een term die bij veel ouders al eens op wat verzet stuit. “Wat meer bezig zijn met één van je kinderen wordt vaak gezien als een favoriet kind hebben, en dat krijgt ten onrechte een negatieve bijklankDat je je soms al eens wat toegeeflijker opstelt ten opzichte van de jongste of dat de oudste met wat meer weggeraakt dan de rest, wil immers helemaal niet zeggen dat je hem of haar liever ziet. Het betekent gewoon dat je als ouder op dat moment een iets grotere ‘klik’ hebt met dat kind. Dat jullie een interesse delen, of op dezelfde manier naar de dingen kijken, of op dat moment gewoon even veel aan elkaar hebben.

Dat laatste is trouwens niks om je voor te schamen. Voorkeuren hebben we allemaal. In vaktermen spreken we van ‘ouderlijke voorliefde’: liefde hebben we voor onze kinderen allemaal evenveel, maar de ‘voorliefde’ kan al eens variëren. Gelukkig fluctueert de klik die we met onze kinderen voelen, bij veel ouders vaak heel regelmatig. De ene dag schieten we al eens wat beter op met het ene kind, terwijl we een paar dagen later weer net iets meer tijd steken in een ander kind omdat die met een tof schoolproject bezig is. Dat is compleet normaal, en ook helemaal niet erg.

Differentieel opvoeden wordt pas een risico als het onevenwicht systematisch wordt. Merk je als ouder op dat er één kind gedurende een lange periode toch met iets meer aandacht ‘gaat lopen’ dan de andere kinderen uit het gezin? Dan is het opletten geblazen. Broers en zussen van het zogenaamde ‘favorietje’ zouden dan weleens wat jaloezie kunnen ontwikkelen, of er zou rivaliteit tussen je kinderen onderling kunnen ontstaan. Ook voor ‘het favorietje’ zelf is al die extra aandacht trouwens niet altijd even leuk: die kan immers een schuldgevoel ontwikkelen tegenover zijn broers en zussen die minder aandacht krijgen.

Broers en zussen: de match van je leven

Die dynamiek kan ervoor zorgen dat de band tussen je kinderen een beetje verzuurt, en dat zou natuurlijk bijzonder jammer zijn. “Dankzij de intensiteit en het onvermijdelijke karakter van de band tussen broers en zussen, hebben die in een ideale situatie immers heel veel aan elkaar. Siblings zitten zo dicht op elkaars vel dat het moeilijk is om hun kleine kantjes en grote kwetsbaarheden voor elkaar verborgen te houden. Ze zien elkaar op hun slechts mogelijke momenten, en net dat is wat hun relatie zo sterk maakt, vaak sterker nog dan die van beste vrienden. Broers en zussen zijn als het ware tochtgenoten die samen een erg vergelijkbare levensweg afleggen, en ook dat op zich al schept uiteraard een band.”

Differentieel opvoeden: zo bevorder je de band

Hoe je er als ouder voor kunt zorgen dat de band tussen je kinderen niet verzuurt en de relatie zo hecht mogelijk blijft? Daar zijn wel een aantal technieken voor:

  • Liefde is geen taart die je moet delen: “In plaats van elk kind apart aandacht en liefde te geven, kan je hen ook laten voelen dat de schoot van mama en papa groot genoeg is voor iedereen. Dat iedereen zijn plekje heeft, en er naar hem of haar geluisterd wordt. Opvoeden is in de eerste plaats ‘er zijn’ voor elkaar, en pas secundair ‘dingen doen’ met elkaar.”
  • Samen-zijn in plaats van apart-zijn: “Krijg je de indruk dat je de afgelopen tijd misschien toch wat te veel tijd doorbracht met één van je kinderen? Dan zou je dat kunnen oplossen door in de dagen daarop een paar uurtjes extra door te brengen met de rest van je kroost. Let wel op dat het geen compensatiegedrag wordt: als je kind het gevoel krijgt dat je iets met hem doet, puur om tijd in te halen en om de gegeven aandacht aan broer of zus te compenseren, zal die zogenaamde quality-time zijn effect compleet missen. Niemand staat graag in de schaduw van de ander. Wat je in dat geval beter kunt doen, is jullie tijd samen integreren in je dagelijkse bezigheden. Probeer eens samen te koken, de auto te wassen of gewoon gezellig niets te doen. Je kind moet vooral het gevoel hebben dat je er bent voor hem en dat je graag tijd met hem doorbrengt, niet dat hij een bijna verplicht nummertje in je agenda is.”
  • Houd een time-out voor het favorietje: “Wat ook kan helpen is om het kind dat als favorietje aanzien wordt, of dat zelf worstelt met het idee mama of papa’s nummer één te zijn, er even alleen op uit te sturen. Daarmee bedoel ik niet voor lange tijd, maar laat hem bijvoorbeeld naar z’n hobby gaan of bij een vriendje gaan spelen. Dat zal hij fijn vinden: hij wordt even uit de verzuurde situatie gehaald en geeft ook broers en zussen zonder het te weten wat extra ademruimte.”
  • Laat kinderen hun eigen conflicten oplossen: “Een misvatting die bij veel ouders heerst, is dat een ‘goede’ opvoeding een rimpelloze opvoeding is. We maken onszelf wijs dat er zoiets bestaat als een perfecte ouder-kind relatie, met zo min mogelijk conflictjes en ruzietjes. En ook van de band tussen onze kinderen verwachten we dat. In de realiteit verloopt echter alles helemaal niet zo perfect. Kinderen maken ruzie. Véél ruzie. Laat kinderen daarom maar eens in conflict treden met elkaar en laat hen elkaars grenzen maar eens aftasten. De boel mag al eens ontploffen. Geen enkele relatie verloopt rimpelloos en vaak maken conflicten die daarna dan ook weer opgelost worden, de band tussen de betrokken personen zelfs nog beter. Zo leren ze wat het betekent om samen een gezin te vormen. Belangrijk voor jou als ouder is hier om je kinderen voldoende ruimte te geven om hun conflict onderling op te lossen: luister naar je kinderen en houd als ‘afwezige aanwezige’ uiteraard een oogje in het zeil, maar onderdruk die typische reflex om de situatie over te nemen, probeer niet voor rechter te spelen of los het geschil niet voor hen op. Dat doen ze in de meeste gevallen zelf wel.”
  • Leg niet te veel de nadruk op een talent van je kind: “Ook heel nefast voor de band tussen je kinderen onderling: te veel aandacht besteden aan het talent van een kind. Zit er eentje tussen met een bijzonder en uitgesproken talent? Dan is het vanzelfsprekend dat je dat wil ondersteunen. Wat je beter niet doet, is een label plakken op dat kind en hem helemaal vereenzelvigen met dat talent. Want spreek je een van je kinderen permanent aan met ‘onze goede zwemmer’, dan zal dat kind al gauw z’n hele identiteit ophangen aan dat ene kenmerk, terwijl een kind veel meer is dan zijn talent alleen. Wordt het dan later toch niks met dat zwemmen, dan zal z’n zelfbeeld daar vast onder lijden. En ook voor andere kinderen is dat niet leuk, want zij beschikken misschien niet over dat specifieke of een ander heel uitgesproken talent, waardoor ze het gevoel kunnen krijgen dan minder mee te tellen.”
  • Stuur broer en zus er samen op uit: “Kinderen dwingen om samen te spelen werkt vaak averechts, maar als ouder kan je wel onrechtstreeks invloed uitoefenen. Door hen bijvoorbeeld samen naar de bakker te sturen, of hen samen een film te laten kiezen in plaats van elk apart schermtijd te gunnen. Later, als de kinderen wat ouder zijn, kun je het principe: ‘samen uit, samen thuis’ toepassen. Laat ze samen naar school rijden bijvoorbeeld, of spreek af dat ze na een feestje samen naar huis fietsen.”

Meer lezen over de band tussen broer en zussen en over differentieel opvoeden? Lees dan zeker ‘Broer of zus, de match van je leven. Fairness in siblingrelaties’ (€ 25 – koop het hier) van het Kenniscentrum Gezinswetenschap aan de Odisee Hogeschool Antwerpen. 

Meer lezen over opvoeden en ‘broers en zussen’:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

 

 

 

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here