Uitgetest: een vakantie zonder schermpjes

schermpjes
©GettyImages
Redactrice Barbara maakte zich al langer zorgen om haar schermverslaafde zonen. En dus deed ze de test: hoe zou een gezinsvakantie zonder tablets eruitzien?

Ze kijken er al weken naar uit. Naar ons jaarlijkse tripje in ons favoriete park, even over de grens, in hartje Drenthe. Of ze de spullen bij elkaar willen zoeken die ze zeker mee willen nemen? Onze jongens van dertien, zeven en vier verdwijnen naar hun kamer. Om enkele tellen later alweer op de sofa te zitten. Alles ligt klaar in de hal, verzekeren ze me. De iPad van de oudste, met broederlijk daarnaast de Nintendo van nummer twee en de Kidizoomcamera van de allerjongste: meer hebben ze niet nodig om deze vakantieweek te overleven. Hoewel zo’n karige selectie me veel inpakwerk bespaart, bel ik manlief meteen op om zo snel mogelijk een gezinsconclaaf te plannen. Want zo willen we geen van beiden vertrekken.

Digitale detox

We hebben het al een tijdje moeilijk met hun drang naar schermpjes. Tijd voor verandering, rigoureus maar hopelijk doeltreffend. Dus doen we hen nog diezelfde avond ons plan uit de doeken. “We vertrekken op vakantie zonder schermpjes”, begint mijn man. “Zonder tablets, laptops en digitale spelletjes. Vijf dagen lang digitale detox voor het hele gezin.” Ze kijken ons aan alsof de derde wereldoorlog op het punt staat om uit te breken.

“Waarom worden we gestraft?”, vraagt de oudste. “Blijven we dan niet beter thuis?”, treedt zijn jongere broer hem bij. “Is de televisie in ons vakantiehuisje dan ook een schermpje?”, probeert de jongste nog even. “Neen,” merkt de tweede pienter op, “dat is een scherm. Dus dat telt niet. Toch, mama?” Ik onderdruk een lach en probeer ook de jongste streng toe te spreken. “Alle schermpjes blijven uit. Klein én groot.”

“Op de achterbank is er meer rumoer dan anders, want ook de autoschermpjes bleven thuis. ‘Spijt?’ fluistert mijn man me toe”

Ik zie wat jij niet ziet

Zo gezegd, zo gedaan. Enkele dagen later worden de jongens tijdens het inladen van de auto op het appel geroepen. Hun digitale spullen worden ons plechtig overhandigd. Alles gaat in een grote doos. De schermpjes blijven thuis. Een zak vol gezelschapsspelletjes daarentegen reist wél mee. Zes ogen vol teleurstelling proberen ons nog te overhalen om het digitale detoxplan toch nog af te blazen. Maar we zijn onverbiddelijk. En geven hen meteen het goede voorbeeld, want ook de gps blijft uit. Een groot kaartenboek op mijn schoot en mijn deskundige begeleiding moeten ons veilig op onze vakantiebestemming brengen.

Ik geef toe, er hangt wat stress in de wagen. En niet alleen omwille van het gemis van de sensuele gps-stem. Op de achterbank is er duidelijk meer rumoer en discussie dan anders. Logisch, ook de autotelevisietjes reizen niet mee. “Spijt?”, fluistert mijn man me toe. Ik schud heftig mijn hoofd. Om me dan helemaal te verdiepen in de snelste route richting Nooitgedacht, onze plek van bestemming. “Wat deed jij vroeger als je lang in de auto moest zitten, mama?”, vraagt de middelste van het trio plots. Ik som enkele autospelletjes op. Ik zie, ik zie wat jij niet ziet. Om ter snelst tien rode auto’s tellen. Wie ben ik. Wie het langst stil kan zijn. Schoorvoetend proberen ze een en ander uit. Uiteindelijk valt de kleinste in slaap. Super. Ook dát gebeurde nooit meer wegens te veel schermafleiding tijdens lange ritten. Het vooruitzicht op een uitgerust vierjarig jongetje in het restaurant straks doet ons opgelucht ademhalen.

“Met een verveeld gezicht zitten ze aan tafel te zwijgen. ‘Leuk hé, zo met ons vijven op restaurant’, probeer ik. Ze kijken me aan alsof ik de grootste onzin uitkraam”

Kip, frietjes en véél Legoblokjes

Zo’n drie uur later zijn we er. Na het uitladen en organiseren van ons tijdelijke verblijf drinken we samen onze eerste aperitief. Het kleinste vingertje van ons gezelschap heeft voortdurend de neiging om op de televisieknop te drukken. Manlief trekt rigoureus de stekker uit het stopcontact, terwijl ik de tas vol spelletjes bovenhaal. Uno blijft de grote favoriet, daarna komt het grote Monopolybord op tafel. Met wat chipjes als troost en een mama en papa die écht meespelen, blijken ze de switch van scherm naar spelbord niet eens zo erg te vinden. En eerlijk, ook wij verliezen de tijd uit het oog. We halen zelfs bijna het sluitingsuur van het restaurant niet, zózeer gaan we erin op.

Maar daar heb ik het meteen in de gaten. De oudste kiest heel bewust het tafeltje in de hoek uit. Inderdaad: de hoek waar ook een televisie voor de allerkleinsten hangt. Manlief grijpt gelukkig in en begeleidt zijn drie zonen kordaat naar de andere kant van het restaurant. De twee oudsten wisselen een snelle blik. Poging mislukt. Met een verveeld gezicht gaan ze zitten. Om vervolgens het eerste halfuur zo goed als niets meer te zeggen. “Leuk hé, zo met ons vijven op restaurant”, probeer ik. Ze kijken me aan alsof ik de grootste onzin uitkraam. En nee, de kipsaté met verse frietjes maakt niets goed.

Maar we volharden. En zij ontdooien. Heel langzaam. Al gauw trekken ze met z’n drieën richting Legotafel. “Lang geleden dat ze nog zo samen speelden”, merk ik op. “En dat wij in alle rust van ons glas wijn konden genieten.” Het wordt een fijne avond. De jongens vallen even uit hun rol van ‘wij vinden ons schermloze leven echt niet leuk’ en huppelen voor ons uit, richting vakantiehuisje. Klaar voor hun eerste nacht onder de Drenthse hemel.

“Een wandeling van zes kilometer? Zo lang? Ze kijken ons aan alsof we van plan zijn om hen te mishandelen”

Help, een wandeling!

Het is al na negenen als we wakker worden. Kleine voetjes op de trap, gestommel in de keuken. Ik ga een kijkje nemen en zie onze drie musketiers druk in de weer met borden, kopjes en bestek. Wat een verschil met thuis, waar de weekendochtenden vaak al beginnen met de iPad op schoot of een film op Netflix terwijl wij nog even slapen. Ook in Drenthe breekt nood duidelijk wet. Even later zitten we met z’n vijven aan een gezellige ontbijttafel. Tot we het over de wandeling hebben die we hebben uitgestippeld. Zes kilometer? Zo lang? Ze kijken ons aan alsof we van plan zijn om hen te mishandelen.

Stadskinderen zijn het. En dat merken we op vakanties ‘op den buiten’ meer dan ooit.
Met tegenzin trekken ze hun schoenen aan. Op zoek naar het grootste hunebed van Nederland. “Jammer dat we niet even op de iPad kunnen opzoeken wat een hunebed precies is”, merkt nummer twee op. Maar ik doe alsof ik niets heb gehoord en begin enthousiast over de graven te vertellen die vijfduizend jaar geleden uit gigantische rotsblokken werden gebouwd. Ondanks hun iPad-gemis luisteren de twee oudsten aandachtig. Klaar om te vertrekken!

Klimmen op rotsblokken

Na een halfuurtje stappen zie ik een blos op hun wangen. Ik hoor de twee oudsten een heus gesprek voeren. Over bekende begraafplaatsen. En de oorlogsgraven rond Ieper die we een tijd geleden hebben bezocht. En over hoe dat zou voelen, levend begraven worden. De tijd vliegt. We praten. We lachen. We plagen. We rennen. En dan zijn we er en wordt er nog geklommen op oude rotsblokken. De kids amuseren zich, wij kijken en zien dat het goed is. Ook ’s avonds wordt er nog druk nagebabbeld over hoe die grote keien zomaar vanuit Scandinavië tot in Drenthe zijn geraakt. Door gletsjers werden ze meegevoerd, hebben ze gelezen in het bijbehorende museum.

“Op het toilet check ik stiekem mijn Facebook, scroll ik door de krant en stuur ik enkele mailtjes. héél Eventjes maar”

En dan trek ik me even terug op het toilet, met… de Iphone, die stiekem is meegereisd om in nood bereikbaar te blijven. Snel mijn Facebook even checken. Wat mailtjes beantwoorden. De krant even doorscrollen. Oef, gelukt. Niet betrapt. Ik hoor de kinderen joelen. Samen rond ‘Mens erger je niet’ en met een pot popcorn binnen handbereik. Met een engelengezicht loop ik de woonkamer binnen. Alleen mijn man heeft mijn verraad door en schudt bedenkelijk zijn hoofd. Uit schuldgevoel mogen ze nog een extra rondje rummikub.

Het digitale verlangen

Naarmate de dagen voorbijgaan, merk ik dat het verlangen naar schermpjes bij onze jongens steeds meer naar de achtergrond verdwijnt. En voor alle duidelijkheid: ook ík hou me de rest van de tijd aan de regels van het spel.

Het worden onvergetelijke dagen samen. Veel en vaak buiten. Duiken in het zwembad. Lekker eten. Een zee van tijd om leuke dingen met elkaar te doen. En… onze kinderen zien ontspannen ouders. Mama en papa die met plezier een kamp helpen mee bouwen met alle kussens en dekens die we in ons huisje vinden. Die de tijd nemen om samen te kleuren, spelen en knutselen.

Zó leuk kan een leven zonder schermpjes zijn.

Tekst: Barbara Claeys

Meer lezen over digikids?

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here