Zo gaat je kind goed voorbereid op kamp

Door -
voorbereid op kamp
©Gettyimages
Zomerkampen zijn zalig, maar ook wel spannend voor ouders en kinderen. Daarom geven we je de beste survivaltips van de kinderpsycholoog en de scoutsleiding.

1. Van thuis weg? Eerst even oefenen

Kinderpsychologe Hanne Creupelandt van Villa Kameleon: “Voor je je kind een ver-van-huis-kamp laat doen, heeft het best al eens eerder buitenshuis gelogeerd. Bijvoorbeeld bij oma en opa, bij een vriendje… Of laat je kind al eens een kort kampje van een weekend meemaken met de jeugdbeweging. Zo leert je zoon of dochter op een veilige manier los te laten en ook zonder mama of papa in de buurt zijn of haar plan te trekken.”

2. Samen voorbereiden is leuk

Kinderpsychologe Hanne Creupelandt: “Zwijg het kamp niet stil tot de laatste dag voor vertrek, maar praat erover op een positieve, opbouwende manier. Zorg ervoor dat je woorden als ouder overtuigend, positief én normaliserend van toon klinken. Zeg: ‘Het zal leuk worden’, ‘Tof dat je zoiets fijns mag meemaken’ en ‘Het voelt waarschijnlijk ook wel een beetje spannend.’ Door samen de rugzak of koffer klaar te maken, voelt je kind zich betrokken. Voor kleine kinderen kun je de vijf dagen weg van huis behapbaar maken door bijvoorbeeld zakjes te maken met een outfit per dag.”

Extra tip van scoutsleidster Emma“Zorg voor een lekker warme slaapzak, label alle kleding en accessoires, stop wat extra onderbroekjes erbij en geef genoeg kousen mee voor als ze zich nat maken tijdens een waterspel. Ook handig: een linnenzak voor de vuile was. Pak de tas samen in, zodat ze weten waar alles zit. En maak die tas niet te zwaar: zelfs de jongste kinderen moeten ze toch even zelf dragen. Het lijken voor de hand liggende dingen, maar op kamp maken ze écht een verschil!”

3. Zo’n terugkrabbelmomentje hoort erbij

Kinderpsycholoog Hanne Creupelandt: “Heeft je kind de neiging om enkele weken voor het kamp terug te krabbelen? Dat is normaal. Leef gerust even mee, maar hou het kort. Toon dat je begrijpt hoe spannend het is om zoiets voor de eerste keer te doen. Blijf altijd positief, en verzeker je kind dat het op kamp altijd terechtkan bij de leiding.”

Emma Van Iseghem/kaketoe, scoutsleidster: “Gaandeweg leren kinderen dat een moeilijk moment weer voorbijgaat, voor én tijdens het kamp. Ze weten bijvoorbeeld dat ze hun ouders terugzien aan het einde van het kamp, en dat biedt houvast. Zo leren kinderen doorbijten én genieten. Eigenlijk is op kamp gaan voor iedereen leuk, op voorwaarde dat je kind deel uitmaakt van een groep en een beweging die hem of haar ligt. Voor sommigen is dat het scoutskamp, voor anderen een boerderijkamp of CM-kamp.”

4. Is zij/hij er al klaar voor?

Kinderpsycholoog Hanne Creupelandt: “Een kinderkamp kan verrijkend zijn en is een kans om te groeien. Op voorwaarde dat ze er klaar voor zijn: hebben ze al ervaring in een jeugdbeweging, kennen ze er leuke vriendjes, gingen ze al eens zonder problemen uit logeren…? Of beginnen ze zélf over op kamp gaan? Dan is een langer kamp absoluut het overwegen waard. Is je kind minder op zijn gemak als het een namiddag van huis weg is, of ging het nog niet vaak uit logeren, dan pols je het best eens bij je zoon of dochter. Een kamp kan een heel interessante en positieve ervaring worden, maar forceer je je kind, dan kan het bruuskerend werken en kan er angst groeien.”

5. Heimwee duurt meestal maar even

Emma Van Iseghem/kaketoe, scoutsleidster bij 206 FOS De Flamingo’s van Sint-Amandsberg: “Als scoutsleidster merk ik dat heimwee nooit langer dan vijf minuten duurt. Sommige kinderen hebben het lastig met het afscheid: hou het daarom als ouder zo kort mogelijk. Na een knuffel en kus mag je als ouder je kind aan ons over laten. Daar zijn we op zo’n moment voor, gebruik ons gerust! (lacht) Bij tranen luisteren we even naar hen, en kijken dan samen vooruit. Wat brengt de dag ons nog, of wat is er gepland voor de volgende dagen? Zo wordt het overzichtelijk, verdwijnt de onaangename spanning en is er opnieuw de zin om te spelen en om tijd met vriendjes door te brengen. Af en toe steekt heimwee nog eens de kop op tijdens het kamp. Heel normaal. Vaak geven de kinderen dat ook zelf aan, of valt het ons op, omdat ze zich anders gedragen of minder eten aan tafel. We vragen wat er scheelt, of ze vertellen uit zichzelf dat ze bijvoorbeeld thuis even missen. We vangen hen altijd op, om hen vervolgens af te leiden. Als de spanning wegvalt, komen de eetlust en het spelplezier helemaal terug.”

6. Die knuffel mag best mee

Emma Van Iseghem/kaketoe, scoutsleidster: “Een knuffel kan troost bieden op een lastig moment, bijvoorbeeld ‘s avonds in bed. Dus die mag zeker mee in de rugzak. Sommige kinderen nemen ook gezinsfoto’s mee, maar bij een gevoel van heimwee kan zo’n beeld het verdriet bij bepaalde kinderen alleen maar versterken. Zelfs stoere kinderen kunnen het dan even lastig krijgen. Denk goed na en probeer je kind hierin goed in te schatten voor je te persoonlijke dingen meegeeft. Een briefje sturen is sowieso een goed idee: het kan even confronterend zijn om nieuws te lezen van het thuisfront, maar het is nog altijd leuker dan géén brief te krijgen. Voor de kinderen is het fijn om te ervaren dat er aan hen wordt gedacht. We geven de brieven altijd in de voormiddag. ‘s Avonds zijn de meeste kinderen moe van de dag, en dus wat gevoeliger voor heimwee.”

7. De leiding neemt de zorg van je over

Emma Van Iseghem/kaketoe, scoutsleidster: “Voor ons is leiding geven vrijwilligerswerk, en we doen het, omdat we het ontzettend leuk vinden. Ik leef helemaal op als ik de oudste bevers van acht voor de jongste bevers zie zorgen. Mijn hart maakt een sprongetje als ik zie hoe goed de kinderen zich amuseren. Tegen bedtijd gaan we nog eens bij alle kinderen langs, om te vragen wat ze leuk of lastig vonden aan de dag. Sommige kinderen willen een zoen of een knuffel. In elke leidinggroep zitten er wel enkele knuffeltypes, in mijn groep ben ik er één van. De kinderen komen zelf op mijn schoot zitten of vragen op een moeilijk moment om een knuffel. Je leert mekaar alsmaar beter kennen, en dat schept vertrouwen. Op die manier kunnen alle kinderen een kamp van zeven dagen uitdoen, zonder al te veel tranen.”

Dé voordelen van op kamp gaan

  • Zonder mama of papa in de buurt leren kinderen pas echt hun plan trekken en dat is goed voor hun zelfbeeld en zelfvertrouwen. Ze leren zonder hulp op tijd opstaan, zich klaarmaken, hun slaapplek netjes houden… Ze moeten zelf de juiste beslissingen nemen en voor zichzelf én anderen zorgen.
  • Ze zijn veel buiten en in de natuur, en doen échte ervaringen op: lopen door een riviertje, zwemmen in het meer, hout sprokkelen voor het kampvuur… Het houdt hen speels en creatief en dat is gezond voor kinderen én jongeren. Meer dan ooit voor jonge millennials, die hun afleiding thuis steeds vaker vinden in iPads en games.
  • Ze meten zichzelf een natuurlijk leiderschap aan en zijn zo minder gevoelig voor groepsdruk.
  • Ze ontwikkelen belangrijke vaardigheden, zoals samenwerken en communiceren.
  • Kinderen groeien tijdens een kamp, en doen onvergetelijke persoonlijke én groepservaringen op.

Bron: metroparent.com

Zo was het voor deze mama’s

  • Els (37): “Zes dagen lang hoorde ik niets van mijn zoon, die zeven is, tot de dag voor thuiskomst zijn briefje in de bus viel. ‘Ik vind het hier een beetje leuk’, las ik. Mijn hart brak. Tot ik hem de dag erna zag arriveren in het station. Hij had 7 kilometer gewandeld mét zware rugzak, op sandalen, met een lange treinrit achter de rug, en toch nog die glimlach. We gaven elkaar de beste knuffel ooit, want ik was zo trots op hem, en hij op zichzelf. En toen kwamen de verhalen, de avonturen, het herbeleven en de lachkicks. Hij had een onvergetelijke tijd gehad.”
  • Ann (36): “Volgende keer geef ik mijn dochter van zeven een warmere slaapzak mee, want ze had het ‘s nachts koud. Daar heb ik me best schuldig over gevoeld. En haar briefje kreeg ik pas na haar thuiskomst. Ach, voor mijn dochter én voor mezelf was deze eerste kampervaring absoluut een overwinning: zij heeft genoten en ik heb leren loslaten.” 
  • Leen (35): “We zijn nu bijna een jaar verder en nog steeds vertelt mijn zoon (8) anekdotes over het vorige kamp. De vallende sterren bij het kampvuur bijvoorbeeld, en hoe hij zonder handen spaghetti mocht eten. Wat ‘n herinneringen! Dit jaar gaat hij terug!”
  • Sandra (42): “Ja, ze heeft een paar keer flink geweend omdat ze me miste. En toch, toen ze weer thuis was, bleven vooral de fijne kampherinneringen hangen en kwam ook de moed om de volgende keer opnieuw mee te gaan.”
  • Lies (39): “Mijn zoon (9) was echt gegroeid na die zeven dagen weg: niet zozeer fysiek, wel mentaal. Zorgen voor zijn kleine broer, meehelpen in het huishouden, en hij gedroeg zich ook rustiger. En dan denk ik: wat een fijne kerel is hij toch!”
  • Nathalie (30): “Tijdens de kampweek van mijn dochter, die zeven is, liep ik als een gek te poetsen, en was ik ook wel wat slechtgezind. Achteraf denk ik dat het kwam doordat ik er niet kon zijn. Ik moest vertrouwen op anderen om voor mijn dochter te zorgen bij heimwee of pijn. Ik kon alleen hopen dat ze zich amuseerde. De ontlading was navenant toen ik haar happy gezichtje terugzag.”

Tekst: Els De Ridder

Download hier jouw kampkaartje!

Download hier de mooiste kampkaartjes om je kids op een orginele manier te verrassen!

voorbereid op kamp

Lees ook:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here