Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten
Getty Images

Het knotsgekke magisch denken van kleuters: hoe ga je ermee om?

Het probleem met kleuterlogica? Alle logica lijkt te ontbreken. De ene keer nemen ze je letterlijk, dan weer denken ze buiten alle grenzen. Het magisch denken van kleuters is vaak komisch, maar leidt soms ook tot schuldgevoelens en angsten.

Knotsgekke oorzakelijke verbanden

“Het licht in onze badkamer hapert soms. Als mijn man het licht aandoet samen met onze dochter, klapt hij in zijn handen. Zij denkt dan dat papa het licht kan aandoen door te klappen. Resultaat: ze loopt de hele dag te klappen. In de keuken, in de slaapkamer, wanneer de tv hapert, bij oma en opa.”

“Ik fietste met mijn zoon door een rustige straat. ‘Mag ik eens bellen?’ vroeg onze kleuter. ‘Dan passeert er een auto.’ ‘Je mag bellen schat, maar daardoor komt er geen auto’, zei ik. ‘Jawel!’ antwoordde hij eigenwijs. Hij belde. Kwam er toch wel net een auto om de bocht. Mijn zoon kijkt triomfantelijk.‘Zie je wel!’”

Als twee gebeurtenissen elkaar onmiddellijk opvolgen, lijkt het voor een kleuter alsof de eerste de oorzaak is en de tweede het gevolg. Valt een appel van een boom nadat jij ernaar wees? Dan heb jij die appel van de boom ‘gewezen’. De kleine magische denkers zijn ook heel egocentrisch: ze zijn het middelpunt van het heelal en zijzelf veroorzaken bepaalde dingen. Of net niet.

Valkuilen van magisch denken

Zeg je op een koude winterdag dat je dochter niet te hard mag zingen omdat anders het ijs waarop jullie sleeën zal breken? Dat zou zomaar kunnen voor haar, dus let daar wel mee op. Zo denkt een kleuter ook dat hij zijn zusje ziek gemaakt heeft door haar pop stuk te maken. Of dat opa gestorven is omdat hij de dag ervoor zijn muziekdoosje niet heeft laten spelen, zoals het avondritueel voorschrijft.

Je kleuter raakt soms gekweld met grote schuldgevoelens of angstdromen. Je legt daarom best het waarom van belangrijke gebeurtenissen uit. Zo vermijd je dat ze verbanden leggen die er echt niet zijn en die hen angst inboezemen.

Fantasie en werkelijkheid

Pas na de kleutertijd leren kinderen het verschil tussen wat ‘echt’ is en wat ‘maar alsof’. Ze hebben een heel levendige fantasie en kunnen bang worden voor hun eigen verzinsels. Zijn ze tijdens het spelen ‘een krokodil die je gaat opeten’? Een tel later kunnen ze in paniek zijn. Stel hen daarom gerust. Hier leven geen krokodillen, ook niet onder hun bed ’s nachts.

Ben je dief en politieagent aan het spelen met je dochter en heeft zij jou ‘doodgeschoten’? Papa die ‘dood’ op de grond ligt, is voor kleine kleuters écht angstaanjagend. Vaak hoor je hen zeggen ‘Maar ik ben niet dood, hoor!’ Daarmee stellen ze vooral zichzelf gerust. Ze hebben die toetsing met de werkelijkheid nodig.

Oudere kleuters houden wel al van dat ‘griezelen’, maar elk kind is anders. Hou dus in de gaten hoe ze reageren en help hen indien nodig met die toetsing van de werkelijkheid. En voor de rest? Die knotsgekke redeneringen en uitspraken opschrijven in een boekje. 😉

Bron: Goedgezind.be

Meer over kleuters

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!