Oudste, middelste of jongste kind: beïnvloedt de plaats in het gezin je karakter?

Door -
beïnvloedt de plaats in het gezin je karakter
Getty Images.
"De oudste is wat serieuzer en redelijk timide, maar onze tweede is een echte spring-in-'t-veld": het is een opmerkelijk verschil dat je vaak hoort terugkomen. Maar klopt dat ook? Beïnvloedt de plaats die een kind in het gezin inneemt effectief zijn karakter of persoonlijkheid?

Opgroeien is… een strijd om aandacht

Ja dus, zo blijkt uit verschillende wetenschappelijke onderzoeken naar het onderwerp. Een van de onderzoekers die dit opmerkelijke feit vaststelde is Bernd Carette, psycholoog en PhD-onderzoeker aan de Universiteit Gent: “De volgorde waarin kinderen binnen een gezin geboren worden, heeft wel degelijk een invloed op hun persoonlijkheid”, zo legt hij uit in een interview met Body Talk. De reden voor het verschil in karakter tussen de oudste, de middelste en de jongste in een gezin komt er doordat alle kinderen tijdens het opgroeien strijden om de aandacht van hun ouders. Door de verschillende plek die ze in het gezin bezetten, zullen ze die aandacht elk op een andere manier moeten weten te trekken, wat er dan weer voor zorgt dat hun persoonlijkheid zich elk op een iets andere manier ontwikkelt.

Bernd: “Kinderen proberen de aandacht van hun ouders te maximaliseren door elk een ‘niche ‘te bezetten in het gezin.” In de niche die de oudste al bezet, valt er voor de tweede immers nog maar weinig aandacht en appreciatie te rapen. Wil hij evenveel bewondering krijgen? Dan gaat hij best uitblinken in een ander aspectje van het leven. Op die manier zal een tweede kind dus andere interesses en karaktereigenschappen tot bloei laten komen dan een eerste kind.

Wij lijsten de eigenschappen van oudste, jongste, middelste en enige kinderen op:

1. Oudste kind: surrogaatouder

Neem nu de oudste: omdat er nog geen andere kinderen in het gezin aanwezig zijn, ligt de weg voor deze kinderen nog helemaal open. Meestal gaan oudste kinderen zich heel erg spiegelen aan hun ouders en min of meer hetzelfde gedrag stellen om op die manier goedkeuring te krijgen. Komen er daarna andere kinderen in het gezin? Dan nemen zij ook vaak de rol van ‘vervangouder’ op zich omdat ze zich als oudste verantwoordelijk voelen voor de rest.

Nog meer kenmerken van oudste kinderen:

  • Omdat ze geen broers of zussen hebben om zich aan te spiegelen of om mee op te trekken, hangen zij veel vaker met volwassenen rond en kijken ook meer naar hun ouders als voorbeeld. Daardoor zijn deze kinderen vaak veel ‘volwassener’ en serieuzer.
  • Noors onderzoek toont aan dat oudste kinderen vaak ook 2 á 3 IQ-punten slimmer zijn dan het volgende broertje of zusje. Ook dit valt te verklaren doordat zij vooral in interactie staan met hun ouders, die intellectueel op een veel hoger niveau functioneren, waardoor ook hun niveau als het ware wordt opgetild. Als er meer kinderen in een gezin zijn (wat bij de jongere kinderen altijd zo is), dan pikken die uiteraard ook dingen op van elkaar: dingen die sowieso minder ontwikkeld zijn, en misschien zelfs niet eens altijd juist. Om precies dezelfde reden is ook de taalontwikkeling van oudste kinderen vaak iets beter.
  • Oudste kinderen zijn vaak heel verantwoordelijk, consciëntieuzer, echte doorzetters en gaan meestal ook heel georganiseerd te werk. Die eigenschappen ontwikkelen ze extra sterk omdat ze zich als oudste vaak als een soort vervangouder opwerpen voor de kleinere broers of zussen. Met andere woorden: ze voelen zich al vanaf een erg jonge leeftijd verantwoordelijk voor de kinderen die volgen en leren al erg snel zorgen.
  • Oudste kinderen blijken vaak ook leergerichter te zijn dan middelste of jongste kinderen: omdat er nog geen andere broers of zusjes zijn om mee te strijden, is het voor hen voldoende om zich te ontwikkelen en veel te leren om de goedkeuring van hun ouders te krijgen. Jongere kinderen zijn prestatiegerichter: zij moeten immers echt dingen vinden om in uit te blinken of ‘prestaties leveren’ om die aandacht van hun ouders weg te kapen.

2. Jongste kind: de losbol / de rebel

Alle kinderen die na het oudste kind komen, moeten iets meer moeite doen om de aandacht van hun ouders te vangen. Omdat oudste kinderen vaak al heel verantwoordelijk, gedisciplineerd, rustig en studiegericht zijn, worden jongere kinderen dat vaak net niet. Bernd: “Benjamins zijn vaak de kinderen die iets nieuws gaan proberen. Ze zijn heel extravert, niet bang om de platgetreden paden te verlaten. Integendeel zelfs: dat komt hen eigenlijk net goed uit. Meestal zijn deze kinderen daardoor ook wat rebels.”

Nog meer kenmerken van jongste kinderen:

  • Ze zijn vaak warm en heel sociaal. Jongste kinderen vinden het belangrijk dat mensen hen graag mogen en ontwikkelen hun sociale vaardigheden daardoor heel goed. Ook binnen het gezin is dat namelijk al hun niche om in uit te blinken: zorgen voor de goede sfeer, voor de lol en de leukigheid.
  • Doordat jongste kinderen iets nieuws moeten vinden om in uit te blinken, zijn ze vaak heel creatief en vindingrijk: ze denken vaak buiten de hokjes en gaan op vlak van werk dan ook vaak voor de wat creatievere en alternatievere beroepen. Carrière najagen hoeft niet zo nodig. Als het maar interessant en leuk is. 

3. Middelste kind: de bemiddelaar

De moeilijkste positie binnen het gezin is weggelegd voor middelste kinderen: voor hen valt er immers zowel binnen de niche van ‘verantwoordelijke studiebol én zorger’ niets te halen, maar evenzeer niet binnen de niche van ‘rebelse creatieveling die compleet z’n eigen weg gaat’. Meer nog: ze moeten als middelste in het gezin vaak de lieve vrede bewaren of schipperen tussen de jongste en de oudste. Dat maakt van middelste kinderen vaak goede bemiddelaars.

Nog meer kenmerken van middelste kinderen:

  • Omdat ze soms aansluiting proberen te zoeken bij het oudste kind en soms bij het jongste kind, zijn ze vaak erg empathisch. Om aansluiting te kunnen vinden, moeten ze zich immers kunnen inleven in beide leefwerelden.
  • Middelste kinderen zijn echte kameleons: ze kunnen zich goed aanpassen aan de situatie en weten hoe ze zich moeten gedragen om ergens bij te passen.
  • Omdat ze weten hoe het voelt om de underdog te zijn, komen ze vaak voor deze mensen op.
  • Omdat middelste kinderen een moeilijke vis-noch-vlees-positie hebben binnen het gezin, is hun vriendengroep vaak belangrijker dan voor hun oudste en jongste broer of zus. Dit zijn ook de kinderen die meestal het snelst het nest verlaten.

4. Enig kind: gematigde oudste kinderen

Een enig kind is eigenlijk een beetje een ‘oudste kind’, maar dan zonder kleinere broers of zussen om voor te zorgen. Dit zorgt ervoor dat ze eigenschappen van het ‘oudste kind’ wel ontwikkelen, maar minder fel: ze hoeven in hun niche immers niet zo op te vallen of uit te blinken, want er zijn toch geen extra kinderen die de aandacht van hun ouders komen kapen. Net als oudste kinderen, trekken enige kinderen voor hun ontwikkeling vooral naar hun ouders, wat hen vaak talig heel sterk maakt en opnieuw ook weer vaak 2 á 3 intelligentiepunten hoger doet scoren.

Meer weten over enige kinderen? Lees dan zeker ook: ‘Is een enig kind minder sociaal dan kinderen met broers of zussen?’

Ook nog van invloed:

  • Elk gezin is anders: uiteraard verloopt de dynamiek in elk gezin ietsje anders, wat ook weer een effect zal hebben op de impact die de plek in het gezin kan hebben op je persoonlijkheid. Groei je bijvoorbeeld op in een gezin waar de ouders veel weg zijn? Dan zal de oudste veel meer kenmerken van de ‘surrogaatouder’ vertonen dan binnen een gezin waar veel aandacht is voor die zorgende taken.
  • De grootte van het gezin: hoe meer kinderen er zijn, hoe minder uitgesproken ze aan de stereotiepe karaktereigenschappen zullen voldoen. Zijn er echt veel kinderen in het gezin? Dan kan het bijvoorbeeld best zijn dat het tweede kind zich ook meer gaat opwerpen als ‘zorger’ voor de jongeren.
  • Onderling leeftijdsverschil: als het leeftijdsverschil tussen kinderen minder dan 2 jaar is, dan blijkt hun positie in het gezin minder impact te hebben. Blijkbaar omdat ze dan toch zozeer in dezelfde levensfase zitten dat de invloed van broer of zus niet echt uitmaakt. Is het verschil dan weer groter dan 5 jaar? Dan kan het zijn dat beide kinderen zich een beetje ‘oudste kind’ voelen, omdat het ontwikkelingsniveau waarop beide kinderen zich bewegen zo anders is, dat zich met elkaar meten sowieso niet van toepassing is.

Meer lezen over ontwikkeling en opvoeding:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here