Voor het eerst mama: “Otis kampt plots met verlatingsangst en daar heb ik het wat moeilijk mee”

Door -
verlatingsangst
©CelineWerner
Mama-redactrice Celine werd in augustus 2019 voor het eerst moeder, van de überschattige Otis. Wat dat met haar deed en hoe zij nu als prille mama in het leven staat, deelt ze in deze column. Van herkenbare paniekaanvalletjes tot dolgelukkige mama-momenten vol verwondering: welkom in de wereld van Celine!

De katten verlaten het nest

Zes jaar lang hielden we onze twee katten binnen. Uiteraard gunden we ze hun vrijheid, al was dat geen optie, omwille van de veel te drukke steenweg waar onze woning aan grensde. En dus hielden we ze al die tijd in hun veilige cocon. Maar nu we naar een groenere omgeving verhuisd zijn, en ze de (speel)tuin — met vogels en fladderende vlinders — vanuit het schuifraam kunnen aanschouwen, zou het bijna onmenselijk zijn om ze niet naar buiten te laten gaan.

Vooraleer het zover is, moeten ze wel even aan de nieuwe omgeving wennen en de vaccinaties hun werk laten doen. En gelukkig maar, want ik moet zelf ook nog wennen aan het idee dat mijn twee pluizige vrienden, die ik als m’n eigen kinderen beschouw, de wijde wereld zullen intrekken. Al gaat mijn voorkeur eerder uit naar een bescheiden wandeling in de buurt.

Je hoort het goed, deze poezenmoeder kampt met verlatingsangst. En het toeval wil dat dit nu net een dingetje is thuis.

Een peuter met verlatingsangst

Otis is altijd een héél zelfstandig kind geweest. Met wat speelgoed en voldoende lades en kasten in de buurt is meneer een poosje zoet. Maar sinds kort lijkt het alsof hij meer nood heeft aan mijn aanwezigheid, en wil hij me altijd in z’n buurt. Dan steekt hij zijn armen in de lucht, omdat hij wil dat ik z’n lijfje — dat maar liefst 14 kilo weegt — omhoog hef, zodat hij een beter overzicht krijgt van waar ik precies mee bezig ben. “Hmm, je bent eten aan het klaarmaken, dat is fijn. Maar kunnen we ons dan nu richting de oven of schakelaar begeven, zodat ik met de knopjes kan spelen?” Hij zegt dat natuurlijk niet met zoveel woorden, maar dat is wel degelijk wat hij met zijn gebaren en beperkte vocabulaire bedoelt.

“Stiekem vind ik het soms wel fijn dat dit kleine mensje van vlees en bloed zijn mama nog nodig heeft”

Maar ook wanneer we op familiebezoek of naar de opvang gaan, komt zijn angst tot uiting. Dan klampt hij zich aan me vast omdat hij vreest dat ik hem ga verlaten. Een tube superlijm is er niets tegen. En soms moet ik ook écht weg, met talloze traantjes en een gebroken hart tot gevolg. Bij hem én bij mij. Want er is geen enkele mama die haar kind op die manier wil achterlaten. Toch?

Dubbel gevoel

Stiekem vind ik het soms wel fijn dat dit kleine mensje van vlees en bloed zijn mama (nu nog) nodig heeft. En dat gevoel probeer ik ook te koesteren, want op een dag zal hij zijn mannetje kunnen staan en me minder willen knuffelen.

Maar wanneer hij ‘s avonds in zijn bed heel hard brult omdat ik de ruimte verlaten heb, kan ik die verlatingsangst dan weer vervloeken. Onlangs bleef ik maar liefst anderhalf uur naast zijn bed staan, en kroop ik met handen en voeten de kamer uit. Eens de klus geklaard was, werd hij door een vechtpartij tussen mijn twee kapoenen met snorharen weer klaarwakker, waardoor ik weer van nul kon beginnen. Misschien is het dan toch niet zo erg dat de huisdieren binnenkort de deur uit mogen?

OOK LEZEN:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (rechts bovenaan op de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here