Mijn verhaal: Lore was twee toen ze in een pleeggezin werd geplaatst

Door -
pleeggezin
©GettyImages
Lore was amper twee jaar toen ze in een pleeggezin werd geplaatst. “Toen ik zelf een dochtertje kreeg, heb ik haar tegen me aangedrukt en beloofd dat ik áltijd voor haar zou zorgen.”

Lore (31): “Toen mijn dochter Eva drie jaar geleden geboren werd, heb ik haar meteen tegen me aangedrukt en haar beloofd dat ik altijd voor haar zou zorgen. Omdat ik zelf weet hoe het is om zonder de zorg en liefde van je biologische moeder op te groeien. Ik was zelf pas twee en een half jaar oud toen ik bij een pleeggezin werd geplaatst. Mijn biologische moeder leed aan schizofrenie en was niet in staat om voor mij te zorgen. Mijn biologische vader heeft me nooit officieel erkend.

“Ik heb me tijdens mijn jeugdjaren vaak eenzaam gevoeld. Overdag hield ik me sterk, maar ik herinner me veel nachten dat ik mezelf in slaap huilde.”

Tot mijn zeventiende verbleef ik bij een pleeggezin. Een heel verwarrende periode, als ik er nu op terugblik. Enerzijds besefte ik dat ik veel geluk had dat deze mensen voor mij wilden zorgen. Zonder mijn pleegouders was ik bijvoorbeeld nooit kunnen gaan studeren. Anderzijds voelde ik als kind een enorme druk om me netjes en verantwoordelijk te gedragen, omdat ik besefte dat hun zorg mijn enige reddingsboei was. Bovendien merkte ik instinctief dat de onvoorwaardelijke liefde die mijn pleegouders voor hun eigen kinderen voelden, voor mij niet was weggelegd. Ik heb me tijdens mijn jeugdjaren vaak eenzaam gevoeld. Overdag hield ik me sterk, maar ik herinner me veel nachten dat ik mezelf in slaap huilde.

In het jaar dat ik achttien werd, ben ik alleen gaan wonen. Ik had nood om op mijn eigen benen te staan. Niet veel later kreeg ik mijn eerste serieuze relatie en voelde ik al snel dat ik klaar was om zelf aan kinderen te beginnen. Maar toen we die stap dan effectief wilden zetten, sloeg de angst me om het hart. Heel vreemd: normaal gezien sta ik vrolijk in het leven, maar plots werd ik overvallen door donkere gedachten.

Toen pas besefte ik dat ik zelf nooit het goede voorbeeld gekregen had van mijn biologische moeder. Was het moederschap wel voor mij weggelegd? En zou ik de zorg voor zo’n kindje wel aankunnen? Ik besloot contact te zoeken met één van de weinige mensen die mijn periode in de pleegzorg van dichtbij hebben meegemaakt: Anna, een consulente bij Pleegzorg Vlaanderen. Ik schreef haar een mail, waarin ik uitlegde dat ik graag een kind wilde, maar dat het moederschap me ook angst inboezemde. Anna heeft me toen uitgenodigd om een paar keer met haar te komen praten. Dat waren heel heftige, emotionele gesprekken. Ik bleek heel wat onverwerkte problemen uit de periode bij mijn pleeggezin mee te dragen: dat gevoel van eenzaamheid, de relatie met mijn pleegmoeder, de afstand die ik voelde tegenover hun biologische kinderen…. Door die dingen eindelijk uit te spreken, vond ik de moed om de stap naar het moederschap te zetten.

“Ik voel van nature een grote drang om haar de liefde en zorg te geven die ik zelf nooit van mijn biologische moeder heb gekregen.”

Mijn zwangerschap bleek helaas allesbehalve een roze wolk. Ik huilde veel en als er vriendinnen langskwamen, klaagde ik voortdurend. Mijn zelfvertrouwen bereikte opnieuw een dieptepunt. Maar de dag dat mijn dochter geboren werd, is dat gevoel helemaal omgeslagen. Ik ben thuis bevallen. Daar stond ik op, ondanks het protest van mijn partner en vrienden. Tot op de dag van vandaag put ik kracht uit het feit dat het toen allemaal zo vlot verlopen is. Ik beschouw het nog steeds als een teken dat ik als moeder altijd op mijn intuïtie kan vertrouwen. Mijn band met Eva is ook zo vanzelfsprekend. Ik voel van nature een grote drang om haar de liefde en zorg te geven die ik zelf nooit van mijn biologische moeder heb gekregen. Maar soms zorgt mijn eigen verleden ook voor extra twijfels. Bijvoorbeeld als klasgenootjes van Eva dingen kunnen die zij nog niet kan. Dan kan ik echt in paniek schieten: ‘Zal mijn dochter wel zelfredzaam genoeg zijn om in de grote boze wereld mee te draaien?’ Omdat ik zelf heel snel mijn eigen boontjes heb moeten doppen, is die zelfstandigheid echt een focuspunt geworden, maar ik weet dat ik mezelf hierin tot de orde moet roepen.

“Je ouders knuffelen je, geven je liefde en aandacht. Dat heb ik allemaal moeten missen als baby.”

Onlangs hebben we Eva’s derde verjaardag gevierd. Soms sta ik even stil bij alle zorg die ik mijn dochter al heb gegeven tijdens haar eerste levensjaren. Zorg die ik zelf nooit heb gekregen van mijn biologische moeder. De eerste jaren van je leven zijn zo belangrijk voor je ontwikkeling. Je ouders knuffelen je, geven je liefde en aandacht. Dat heb ik allemaal moeten missen als baby. Zou ik daar vandaag nog steeds de sporen van dragen? Ben ik onbewust nog altijd dat kleine kind, dat niet genoeg liefde heeft gekregen? Die gedachte vind ik soms wel confronterend. Tegelijk besef ik steeds meer dat mijn biologische moeder de juiste keuze heeft gemaakt, door mij af te staan. Ze kon zelf niet voor me zorgen, maar wilde toch dat ik alle kansen in het leven kreeg. Uiteindelijk heeft ze dus voor mijn geluk gekozen, in plaats van het hare. Nu ik zelf moeder ben, denk ik vaak: ik had in haar plaats precies hetzelfde gedaan.

Ondertussen speel ik steeds vaker met het idee om binnen een paar jaar zelf pleegouder te worden. Ik heb zelfs al een infosessie over pleegzorg bijgewoond. Daar hoorde ik dat het zelden gebeurt dat pleegkinderen zelf de stap naar pleegzorg zetten. De emotionele ballast die ze meedragen blijkt meestal te zwaar. Zelf ben ik, ondanks alles, heel blij met waar ik vandaag sta in het leven. Zelf ooit een pleegkind een warme thuis kunnen geven: dat zou voor mij de kers op de taart zijn.”

Tekst: Margot Kennis

MEER STERKE VERHALEN:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

 

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here