Leerkracht in coronatijden: ‘Ik mis het om mijn hele klas bij me te hebben’

Door -
Leerkracht in coronatijden
Getty Images
De voorbije coronaperiode moesten meerdere beroepsgroepen zichzelf heruitvinden. Onder hen zeker ook leerkrachten. Wat hebben zij zien veranderen in hun job? Welke impact had de crisis op hun leerlingen en wat helpt hen nu om de kinderen zo goed mogelijk door het schooljaar te gidsen? We vragen het de komende weken telkens aan een leerkracht. Deze week: juf Elke.

Wie is juf Elke?

Elke Vereecken (37) is leerkracht in het vierde leerjaar in gemeenteschool De Droomballon in Nieuwkerken, Sint-Niklaas. Ze staat al 16 jaar voor de klas.

Hoe heb je de afgelopen coronaperiode ervaren?

“In maart 2020 dachten we net als iedereen: dit overleven we wel. Het volgende schooljaar zou dit een fait divers uit een ver verleden zijn. Niemand wist dat die coronacrisis zo lang zou duren. We hadden sowieso ‘schade’ verwacht, maar dat zouden we wel inhalen. Dáchten we.

Meteen moesten we als leerkrachten onszelf heruitvinden. Welke tools bestonden er om online les te geven? Hoe maakten we filmpjes? Hoe bewaakten we de interactiviteit via camera? Onze school stond al vrij ver op ICT-vlak en dat is ons grote geluk geweest. Natuurlijk was het voor veel collega’s een enorme stap uit hun comfortzone. Ik ben zelf nogal IT-minded en was snel mee met het filmpjes maken. Ik vond het zelfs leuk om te doen, al sta ik natuurlijk veel liever voor de klas. Ik heb zoveel mogelijk geprobeerd om andere collega’s te helpen die daar minder in thuis waren.

Stelselmatig bouwden we het aanloopleren op. Van één lesje per dag, naar twee en later drie. Maar na dat eerste schooljaar wisten we: de achterstand was aanzienlijk en we waren er nog niet vanaf.”

Altijd iemand in quarantaine

“Dit schooljaar was extra zwaar omdat er zo veel besmettingen zijn bij de kinderen. Sinds de herfstvakantie zit er elke dag minstens één kind, maar meestal meerdere, in quarantaine. We proberen hen zo goed mogelijk voor te bereiden op de dag, sturen de planning door en laten ook de ouders weten wanneer ze online moeten zijn.

“Online je aandacht erbij houden vergt een inspanning die je van kinderen eigenlijk niet mag verwachten”

Maar er is veel meer leerachterstand. Doordat collega’s bijna dagelijks besmet raken, moeten zorgleerkrachten inspringen. Kinderen met problemen krijgen zo niet de nodige extra aandacht.”

Wat vond je het moeilijkste als juf?

“Ik mis het enorm om mijn volledige klasje bij me te hebben. En de berg administratie is nog groter geworden. Wie heeft welke les thuis al gevolgd? Waren ze zeker online? Hebben ze het ook begrepen? Dat zijn allemaal vragen die vaak onbeantwoord blijven. Online je aandacht erbij houden, is nu eenmaal moeilijker. Het vraagt van kinderen een inspanning die je hen eigenlijk niet mag vragen.

Om leerstof zelfstandig in te oefenen, bezorgen we de correctiesleutels nu aan kinderen en ouders. Wanneer je dan als antwoord leest ‘Verschillende antwoorden mogelijk’, weet je al hoe laat het is.

Bovendien was ik zelf wel bang om ziek te worden nu ik zwanger ben. Ondanks alle voorzichtigheid had ik het enkele weken geleden te pakken. Als 17 van de 23 leerlingen positief testen, is er weinig ontsnappen aan. Gelukkig vielen de symptomen mee.”

Wat is de impact op de kinderen in je klas?

“Er zijn kinderen die hier bijna doorfietsen. Anderen bouwen zeker een achterstand op die ze niet zouden hebben zonder de coronacrisis. En wie al extra zorg nodig had, heeft het nog moeilijker gekregen.”

“We verliezen veel tijd met haperende microfoons en internetverbindingen. Dat zijn kostbare momenten voor herhaling en leesmomenten”

“Sommige kinderen hebben geen eigen bureau, maar zitten op bed of in de keuken, waar ze hun microfoon moeten afzetten. Dan kun je sowieso geen vragen stellen. Anderen moeten ondertussen op kleine broertjes letten en dat zijn helaas de kinderen die het al moeilijker hadden.”

Minder tijd voor zorg

“We verliezen ook in de klas veel tijd door haperende microfoons en internetverbindingen. Dat zijn kostbare momenten waarop ik anders zoveel mogelijk inzet op herhaling en leesmomenten. Voor veel kinderen is dat broodnodig. Kinderen uit parallelklassen die ondersteuning nodig hebben, brachten we vroeger soms samen in één klein groepje. Dat mag nu niet meer.

Ik lig daarnaast heel erg wakker van hun mentaal welzijn. Want als je van thuis uit moet volgen, vallen alle leuke dingen weg: samen zingen en sporten, spelen op de speelplaats, verjaardagen vieren. Thuis weg zijn is voor kinderen in een moeilijke situatie vaak echt nodig, maar niet alleen voor hen. Een meisje uit een hecht gezin moest laatst thuis de les volgen omdat haar papa zwaar geveld was door corona. Ze werd daar de hele dag mee geconfronteerd. Normaal kun je op school even ontsnappen aan de thuiszorgen, hoe groot of klein die ook zijn.”

Ouders op de toppen van hun tenen

“Een andere leerling heeft autisme, en heeft het bijzonder moeilijk met dat thuisonderwijs. Want als hij extra uitleg vraagt aan mama en papa in plaats van de juf, leggen zij de leerstof onvermijdelijk anders uit dan ik. Waarop de jongen blokkeert.

Door al die quarantaines dit schooljaar lopen ook ouders nog maar eens op de toppen van hun tenen. Inoefenen en herhalen is nu vaak voor hen, terwijl ze hun eigen werk ook maar vanop afstand zo goed mogelijk moeten proberen te doen.”

Wat zou jou kunnen helpen in je job?

“We zijn heel blij met de ICT-ondersteuning, met de CO²-meters, testen en maskers. Toen Ben Weyts aankondigde dat leerkrachten nu al na één dag vervangen konden worden, dacht ik: mooi, maar waar ga je die leerkrachten vinden? Want dat is het grootste probleem. Er zijn te weinig leerkrachten. Elke afgestudeerde leraar die al na een paar jaar het onderwijs verlaat, is een gemiste kans.

“Zomerscholen vormen een kans om de zwaksten te helpen bijbenen”

Het beroep moet dus aantrekkelijker en tegelijk moet er meer dialoog zijn over het onderwijs mét leerkrachten. Toen de gedelegeerd adviseur van Voka voorstelde om lesdagen langer te maken om het productiviteitsverlies van de toekomst te beperken, wist ik niet wat ik hoorde. Kinderen zijn geen machines. Je kunt hun productiecapaciteit niet verhogen. Om 16 uur zijn ze op. Ik geloof wel sterk in het potentieel van zomerscholen. Die vormen een kans om de zwaksten te helpen bijbenen.”

Heb je er ook positieve dingen uit gehaald?

“Kinderen zijn zeker ICT-vaardiger geworden. Ze hebben allemaal een e-mailadres en toegang tot een laptop of Chromebook. Dat is een grote stap vooruit.

We eten daarnaast nu samen met de kinderen in de klas en daar genieten ze van. In de grote refter moeten ze zwijgen, omdat het er anders gonst. In hun kleine klasje amuseren ze zich onder elkaar.

Daarnaast zijn wij als leerkrachten veel beter mee met de nieuwe tools. Ouders prikken nu zelf een moment in de agenda voor een virtueel oudercontact en dat is veel minder puzzelwerk voor ons.”

Wat heb je geleerd uit deze periode?

“We hopen allemaal dat we het hoogtepunt van deze vierde golf nu gehad hebben, maar beseffen wel: we zijn er nog niet. Zeker kinderen met leerproblemen of uit een moeilijke thuissituatie hebben geleden onder de situatie. Verschillen zijn nog groter geworden.

Tegelijk is er wel veel wederzijds begrip gegroeid. Iedereen doet zijn best en weet dat ook van elkaar. Collega’s gaan na het werk met plezier boekjes rondbrengen. Veel ouders hebben heel consequent hun kinderen regelmatig getest. We beseffen heel goed dat ook ouders een beperkte draagkracht hebben in dat continu schakelen tussen thuisonderwijs en werk. Dat iedereen overtuigd is van elkaars goede bedoelingen, maakt het draaglijk. De solidariteit is groot.”

MEER OVER KINDEREN EN DE CORONACRISIS

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!