Papa-talk: “Ik zou niet willen dat Lucas en Theo ons onoverwinnelijk achten.”

Door -
ik durf niet papa-talk onoverwinnelijk hoge lat
Thomas Detombe
Thomas Detombe (36) is journalist, Libelle Mama-columnist en papa van Lucas (4) en Theo (1). Wat het jonge vaderschap met hem en zijn leven doet, schrijft hij voor jullie openhartig en onverbloemd neer.

“Ik durf niet papa, echt niet”, bekent Lucas aan de schoolpoort. Zijn onderlip treurt, een paar waterige ogen kijkt me verontwaardigd aan: is die vakantie nu al voorbij? Mijn been dient als laatste houvast. Bijna val ik om, zoveel steun zoekt hij.

Enkele juffen proberen hem te overtuigen: “Het wordt leuk vandaag, hoor. Zullen we samen je nieuwe juf zoeken? Kijk! Daar is ze.” Lucas klampt zich nog wat steviger vast. “Mijn buik kriebelt heel erg”, fluistert hij in m’n oor. “Het is té spannend.”

“Ik durf niet papa, echt niet. Het is té spannend.”

Wat een luxe dat zijn emoties hun weg vinden in begrijpelijk taal, nu al. Evengoed zou hij kunnen stampen, gieren, brullen of gewoon weglopen. Maar dat gebeurt niet. Hij benoemt beheerst en accuraat wat er door zijn lijfje giert.

Emma en ikzelf zijn thuis heel open over hoe we ons voelen. Niet grenzeloos of constant uiteraard, maar we gaan geen moeilijke vragen uit de weg.

Soms heeft ontkennen ook geen zin. Soms zie je eruit als een afgepeigerd trekpaard op zoek naar een frissere stemming. Lucas voelt dat snel aan. “Waarom ben je verdrietig, papa?”, vraagt hij dan. “Papa slaapt al enkele dagen slecht, jongen. Dat is lastig, maar gaat gelukkig ook weer voorbij.”

“Soms zie je eruit als een afgepeigerd trekpaard op zoek naar een frissere stemming.”

Hij knikt, en gaat op zoek naar mijn koptelefoon. Geluid is inderdaad een gesel als ik moe bent. Ik schrik dat hij dat al weet en mee oplossingen zoekt. Lief, maar ook erg verantwoordelijk. Te verantwoordelijk?

Geen idee. Elke aanpak heeft voor- en nadelen. Ik zou niet willen dat Lucas en Theo ons onoverwinnelijk achten. Wat een onrealistisch hoge lat. En wat een fout voorbeeld. Want waarom zou iemand onoverwinnelijk willen zijn? Anderzijds mogen je kinderen nooit je hulpverleners worden. Dat lijkt me – op een andere manier – een even hoge lat.

De middenweg is hobbelig en slingert zich langs allerlei obstakels. Mijn moeder heeft een tijdlang mentale gezondheidsproblemen gehad. Ik was de oudste van drie kinderen en voelde haar verdriet waarschijnlijk het beste aan. Het duwde me onvermijdelijk in een soort hulpverleningsrol. Ik maakte me zorgen over haar, probeerde te helpen.

Dat was niet altijd gezond. Haar verdriet was vaak mijn verdriet. Anderzijds heeft het onze band versterkt en zag ik telkens haar veerkracht. Vallen is op zichzelf geen drama, zolang je maar de moed of hulp vindt om daarna weer op te staan. Een belangrijke les, die ik ook mijn kinderen wil meegeven.

“Vallen is geen drama, zolang je maar de moed of hulp vindt om daarna weer op te staan.”

Kinderen horen vaak dat ze ‘flink’ moeten zijn, niet hoeven te wenen en nooit mogen opgeven als ze iets willen bereiken. Het is een keurslijf dat lang niet iedereen past. Ik geloof meer in mildheid, reflectie en zelfkennis.

Onhaalbare doelen die niet (meer) bij je passen mag je van mij gerust opgeven. Onder een teleurstelling is huilen toegestaan. Pas als verdriet ruimte krijgt, ontstaat er ook ruimte voor reflectie. En kun je een nieuw doel kiezen dat beter bij je past. Zelfkennis, jawel.

Aan de schoolpoort vertel ik Lucas dat ik het zelf ook spannend vind. We houden elkaar nog even vast. Daarna neemt een juf hem over. Met lichte tegenzin wordt hij de speelplaats opgedragen. Ik hou me klaar om te zwaaien, maar hij kijkt niet meer om.

Huilen, opstaan en weer doorgaan?

MEER COLUMNS VAN THOMAS:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!