Mijn verhaal: Voor Glynnis was eiceldonatie de enige kans op een kindje

Door -
eiceldonatie
©GettyImages
Na een zware strijd tegen lymfeklierkanker werd het voor Glynnis (27) onmogelijk om zelf zwanger te worden. Haar enige hoop was een eiceldonatie.

Glynnis: “’Wat wil je later worden?’ Al van kleins af aan is mijn antwoord op die vraag: ‘Mama, van twee kindjes.’ Je vond me ook altijd buiten, bij de andere jongens en meisjes uit de buurt. Had iemand een babysit nodig, dan kwamen ze steevast bij mij aankloppen. Ik was het moedertje van de straat.

Tot ik op mijn zestiende ernstig ziek werd. Ik kampte al een jaar met een zware hoest, alsof ik een stokoude dame was die al haar leven lang rookte. Maar geen enkele dokter die wist wat ik had. Na een scan in het ziekenhuis werd vastgesteld dat ik aan Hodgkin lymfoom leed, een vorm van lymfeklierkanker. Tussen mijn longen en mijn hart zat een tumor van tien centimeter, mét uitzaaiingen naar mijn hals. Ik kreeg zware chemo; de hoogst mogelijke dosis. En hoe moeilijk en zwaar het op dat moment ook was, ik dacht alleen maar aan overleven. Ik moest en zou die kanker verslaan; ik had nog een heel leven voor mij.”

Genezen, maar …

“Gelukkig sloeg de chemo aan en werd ik vijf jaar later genezen verklaard. Maar de dokters vertelden me ook dat ik nooit kinderen zou kunnen krijgen. Mijn eierstokken waren té zwaar beschadigd. Hoe graag ik ook kinderen wou, ik kon me er toen vrij makkelijk bij neerleggen dat ik nooit mama zou worden. Ik was genezen en dat was het allerbelangrijkste.

Maar toen ik wat later op routinecontrole ging bij de gynaecoloog, zei die me dat mijn cyclus zich wonderbaarlijk had hersteld. Ik maakte toch nog eicellen aan, hoewel het er niet veel waren. Mijn droom, een gezin met twee kinderen, die eerder aan diggelen werd geslagen, zou toch nog uitkomen. Ik wou een jonge mama zijn en was toen 23, dus het was het perfecte moment om het toch te proberen. Maar na een jaar was ik nog altijd niet zwanger. Je hebt genoeg vrouwen bij wie het na die tijd ook nog niet gelukt is, maar toch sloeg de twijfel toe. Zou er dan toch iets mis zijn? Een bezoek aan de fertiliteitsarts bevestigde ons vermoeden. De kans dat ik zwanger zou worden, zelfs met IVF, was nihil. Mijn droom om mama te worden, werd me voor de tweede keer afgenomen.”

Op zoek naar een donor

“De enige optie die we nog hadden, was eiceldonatie, maar daarvoor moesten we natuurlijk eerst een donor vinden. En dan nog: de kans dat je zwanger wordt na eiceldonatie bedraagt 35 procent. Niet eens de helft, maar wel genoeg om me aan op te trekken.

“Toen kwam dat berichtje: ‘Ik wil je helpen!’ Nu kan ik weer dromen van een gezinnetje” 

Gelukkig kregen we uit onverwachte hoek hulp. Iemand uit de familie wou eiceldonor zijn voor ons. Het leek wel alsof het geluk na al die vreselijke jaren eindelijk aan onze kant stond. Maar lang duurde dat niet. Na de psychologische onderzoeken werd onze donor niet goedgekeurd. Ze wilde graag zélf nog kinderen en dan wordt het afgeraden om eicellen te doneren, omdat de kans dat je nadien zelf zwanger raakt, kleiner wordt.

De moed zakte ons echt in de schoenen. Waar zouden we in hemelsnaam een vrouw vinden die ons zou willen helpen? Ik was de wanhoop nabij toen ik in een Facebookgroep voor wensouders en eiceldonoren mijn verhaal deed. ‘Wie, o wie wil ons alsjeblieft helpen bij het vervullen van onze grote kinderwens?’ vroeg ik. En toen stuurde een wildvreemde vrouw: ‘Ik wil je helpen!’”

Een perfecte match

“Na een paar berichtjes spraken we af. Ik wilde haar leren kennen. Ik wilde weten waarom ze ons wou helpen. En vooral: of ik me in haar zou herkennen. Samen met mijn man hebben we uren gepraat en het klikte meteen. Michelle had karaktertrekken die we ook in onszelf zagen: zorgend, ambitieus, zacht. Dat vonden we beiden heel belangrijk, zodat ons kindje zich later ook kan herkennen in ons. Met een heel ander karakter kan het al sneller botsen, denk ik, en dat zou misschien onze band minder sterk maken.

 “Het klikte meteen met onze eiceldonor. Ze is zorgend, ambitieus en zacht, net als wij. Een hele opluchting”

Kort na onze ontmoeting besloten we met ons drieën om ervoor te gaan. Na de onderzoeken werd Michelle goedgekeurd als donor en durfden we eindelijk weer hopen op een gezinnetje. Een paar weken geleden werd een vers embryo ingeplant. Bijzonder! Het was net of ik écht zwanger was. Ik wist dat er iets in mij kon groeien. Een kindje van mijn vriend, met zijn DNA. Maar evengoed van mij, ook al draagt het niet mijn genen. Ik herkende me zo in Michelle dat ik me ook zal herkennen in ons kindje. Ik twijfel niet hoor, dit kind zal geliefd worden als een ‘eigen’ kind.

Jammer genoeg was ik na de eerste poging niet zwanger. Het embryo heeft zich niet ingenesteld. Maar we blijven hopen. Er werden nog drie embryo’s ingevroren, en dat betekent dat we nog drie kansen hebben. Ik geloof écht dat het deze keer aan ons is. Dat wij deze keer kunnen zeggen: ‘Wij zijn zwanger!’ Over een paar maanden kunnen we opnieuw een poging wagen, met de hoop dat het eitje zich deze keer wél innestelt.”

Een donor met een gouden hart

Donor Michelle: “Ook ik droomde al altijd van een gezinnetje. Een jonge mama met twee kindjes aan haar zij. En dat werd ik ook. Voordat ik Glynnis haar emotionele berichtje las op Facebook, zag ik alles als vanzelfsprekend. Maar Glynnis maakte iets in me los. Ik keek naar mijn gezin, en besefte toen pas écht hoe gelukkig ik wel niet was. En hoe ongelukkig Glynnis wel niet moest zijn. Mijn kinderwens was ingevuld, dus waarom zou ik haar hetzelfde geluk niet gunnen? Lang heb ik dan ook niet moeten nadenken om haar te helpen.

“Als ik zie hoe dankbaar Glynnis en haar vriend zijn, weet ik dat het kindje een warme thuis zal hebben”

Maar voor ik begon aan de hormoonkuur, wilde ik voor mezelf en voor Glynnis duidelijke afspraken maken over het kindje dat er, hopelijk, zou komen. Gelukkig hadden we hetzelfde idee: het mag dan wel mijn eitje zijn, het is Glynnis die het kindje negen maanden zal dragen, zal troosten en doen lachen, zal bijstaan met raad en daad. Voor het kind zal ik altijd een onbekende blijven. Maar dat is oké. Als ik zie hoe dankbaar Glynnis en haar vriend zijn, en wat voor een prachtige mensen het zijn, dan ben ik ervan overtuigd dat het kindje op de juiste plek zal zijn.”

Bron: Libelle

Lees ook:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

 

 

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here