Borstvoeding: je baby aanleggen doe je zo

Door -
baby aanleggen
©GettyImages
Borstvoeding lijkt soms een fluitje van een cent, maar in de realiteit vraagt het best wat oefening en geduld. Alles begint met een goede aanhap! Hoe je je baby correct kunt aanleggen? We leggen het je uit.

Goed begonnen= half gewonnen

Om problemen te voorkomen is het belangrijk dat je voldoende ondersteuning krijgt bij de start. Laat bijvoorbeeld een vroedvrouw of lactatiekundige regelmatig controleren of de baby z’n lipjes op de juiste manier om de tepel plaatst. Want als je je baby niet correct aanlegt, zorgt dit niet alleen voor frustraties bij het kind, maar kan het jou ook pijnlijke tepels bezorgen.

Je baby niet goed aanleggen: de gevolgen

Omdat de baby op die manier de borsten niet goed kan leegmaken, kunnen de gevolgen zelfs nóg erger zijn:

  • De baby komt onvoldoende bij.
  • Je melkproductie vermindert.
  • Er is een verhoogd risico op verstopte melkkanalen en mastitis (een borstontsteking).

TIP: Laat ook zeker nakijken of je kind geen te korte tongriem of andere aandoeningen heeft die de borstvoeding kunnen bemoeilijken.

Je baby goed aanleggen in zes stappen

  1. Ongeacht de positie die je kiest, is het cruciaal dat het hoofd, de nek en wervelkolom van je kind op één lijn liggen en niet gedraaid zijn. Daarnaast mag z’n kinnetje niet laag op zijn borst liggen, want die moet goed opgeheven zijn.
  2. Je kunt de baby aanmoedigen om zijn mond te openen door met je tepel tegen z’n lipjes aan te tikken. Hoe beter je baby zijn mond opent, hoe beter je hem kunt aanleggen.
  3. Zodra de mond geopend is en je kind de tong over zijn onderste tandvlees legt, haal je hem naar je borst toe, waarbij je je tepel naar zijn gehemelte richt. Je baby zou eerst met zijn kin je borst moeten raken. Hij moet een groot gedeelte van je tepelhof in zijn mond nemen, waarbij zijn onderlip en kaak meer van de onderkant van de tepelhof bedekken.
  4. Houd het kleintje (indien mogelijk) steeds zo dicht mogelijk bij je, terwijl zijn kin je borst aanraakt. Pasgeboren baby’s hebben een wipneus, zodat ze makkelijk kunnen ademen als ze aan de borst drinken, en ze leren het coördineren van zuigen en ademen makkelijk aan.
  5. Het aanleggen mag niet onprettig aanvoelen, maar moet eerder als een soort trekken voelen. De baby zal eerst korte, snelle zuigbewegingen maken om de melkstroom (toeschietreflex) op te wekken. Zodra de moedermelk begint te stromen, zuigt hij langzamer en dieper met enkele pauzes, wat erop kan duiden dat hij melk inneemt. Tijdens het eten moet je zijn kaken zien bewegen en je kunt ook zuig- en slikgeluiden horen. Controleer daarnaast ook of je baby voldoende natte en vieze luiers produceert en voldoende bijkomt.
  6. Door een (propere!) vinger voorzichtig in de hoek van zijn mond te schuiven, kun je de voeding stopzetten als het aanleggen pijn doet.

Checklist: zo ligt de baby juist aan volgens Kind & Gezin

  • Zijn onderlip is naar buiten gekruld.
  • Hij zuigt ritmisch en met diepe teugen.
  • Hij slikt hoorbaar en soms ook zichtbaar: kijk naar zijn oortjes.
  • Zijn neusje is vrij en hij kan goed ademen.
  • Zijn wangen staan bol tijdens het drinken.

Bronnen: medela.be & kindengezin.be

Ook over borstvoeding:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here