Je peuter troosten: 8 tips tegen pijntjes en traantjes

Door -
Van een geschaafde knie tot een enge droom: er zijn heel wat momenten waarop je peuter troost bij jou zoekt. En dat is ook belangrijk, want je kind heeft die geborgenheid nodig om zich goed te ontwikkelen. Je peuter troosten? We geven je 8 tips.

Peuter troosten: kusje & knuffel

Troosten gebeurt vaak instinctief in de vorm van even knuffelen of een paar tranen wegvegen. Meestal is dat genoeg om je peuter opnieuw blij te maken. Soms is dat kusje echter niet voldoende en kost het wat meer tijd, moeite en aandacht om je kind te troosten. Enkele tips?

1. Blijf zelf kalm

Niets is verontrustender voor je kind dan een verschrikte ouder. Blijf daarom kalm en reageer niet te overdreven. Als je de dagelijkse valpartijtjes beantwoordt met een rustige ‘Hopla, niets aan de hand’, zal je peuter er ook niet te veel heisa over maken. Als je zelf verschrikt toesnelt bij elke tuimeling, zal je kind zijn onschuldige valpartijtjes gaan beschouwen als een manier om extra aandacht te krijgen.

2. Geef aandacht

Een verdrietig kind moet getroost worden. Ook al is de reactie misschien overdreven, je mag de gevoelens van je kind niet negeren. Zeggen dat hij niet moet huilen, biedt niet veel troost. Je peuter laat duidelijk merken dat er voor hem wel iets aan de hand is. Als je zijn probleem negeert of wegwuift met de boodschap dat hij flink moet zijn of dat het helemaal niet zo erg is, dan kan zijn zelfvertrouwen een flinke deuk krijgen. Hij krijgt immers de boodschap dat zijn gevoelens niet meetellen.

3. Luister en laat uithuilen

Je peuter troosten? Dan is het belangrijk dat je zijn gevoelens erkent. Laat hem uithuilen en laat hem merken dat hij best verdrietig mag zijn. Soms helpt het wanneer je het achterliggende gevoel of de oorzaak van zijn huilbui voor hem verwoordt: “Je moet huilen omdat je auto stuk is, hè?” Je kind voelt zich getroost als je met zijn verdriet meeleeft. Heb je het gevoel dat je peuter huilt uit onmacht, dan kun je hem helpen door samen naar een oplossing te zoeken.

4. Geef geen schuld

Een vermanende vinger biedt geen troost. Ook al was het misschien zijn eigen schuld dat hij viel en had je je kind op voorhand gewaarschuwd. Een donderpreek brengt je peuter ook niets bij, hij leert niet uit de situatie. Troost je kind. Zelfs wanneer zijn gedrag te wensen overliet, moet hij worden opgevangen als hij pijn heeft. Probeer daarna samen met je kind de oorzaak van zijn valpartij te reconstrueren en laat hem ontdekken hoe hij het in de toekomst beter aanpakt.

5. Knuffelen is heerlijk

Veel kinderen vinden het heerlijk om op schoot te worden genomen en geknuffeld. Weer even klein mogen zijn, is een grote troost voor je peuter. Door hem in je armen te nemen en eens lekker te knuffelen, toon je liefde en begrip. Je kind leert dat hij niet altijd groot en flink moet zijn, dat hij zich niet hoeft te schamen voor zijn tranen. Vertrouwen en veel liefde zijn de belangrijkste elementen om je peuter te troosten.

6. ‘Mama-magie’ voor pijntjes

Peuters huilen vaak al bij de kleinste verwondingen, zoals een schrammetje of een blauwe plek. De meeste kinderen zijn doodsbenauwd bij het zien van bloed. Als je peuter huilend naar je toe komt vanwege een kleine verwonding, leef dan met hem mee. Een zoen op de zere plek, iets lekkers om te eten of te drinken of een leuk spelletje in het vooruitzicht stellen, helpt het leed snel vergeten. Een beetje ‘mama-magie’ wil ook wel helpen: hou een milde ontsmettende zalf bij de hand en smeer die op de zere plek. Een likje ‘toverzalf’ en de nodige aandacht hebben bijna altijd een kalmerende uitwerking.

7. Troetelbeesten

Een favoriete knuffel is een steun en toeverlaat voor een klein kind. De meeste kinderen ontwikkelen tijdens hun eerste levensjaar een band met een of ander voorwerp dat hen een gevoel van troost of veiligheid schenkt. Als hij de wereld gaat verkennen, kan je peuter niet altijd mama of papa meenemen, maar hij is er ook nog niet aan toe om helemaal alleen op avontuur te gaan. Een knuffel kan hij overal mee naartoe nemen, of het nu een beer zonder oor is, een vies dekentje of een trouwe duim. De morele steun die je kind van zijn troetel ontvangt, maakt dat hij zijn angsten beter de baas kan.

8. Slaap, kindje, slaap

Het meeste peuterleed is snel geleden. Toch zijn er situaties waarin het moeilijker is om je peuter te troosten. Kleine kinderen raken tegen bedtijd vaak te opgewonden en daardoor oververmoeid. Je dreumes probeert het naar bed gaan zo lang mogelijk uit te stellen en raakt daardoor nog meer uit zijn doen. Ontroostbare huilbuien zijn vaak het gevolg. Rustig blijven, vriendelijk tegen hem praten en oneindig geduldig zijn, is wellicht het enige dat helpt. Breng je peuter rustig naar zijn kamer, zing een liedje of lees hem voor totdat hij tot rust is gekomen.

Nog meer over je peuter troosten:

Volg ons op FacebookInstagramPinterest en schrijf je in op onze nieuwsbrief (onderaan de homepage) om op de hoogte te blijven van alle nieuwtjes!