Waarom we minder druk moeten leggen op zwangere en pas bevallen vrouwen

Door -
mama met baby
De druk op zwangere en pas bevallen vrouwen lag nooit zo hoog als vandaag. Vrijwel meteen na de bevalling wordt er van je verwacht de zwangerschapskilo's eraf te sporten en dat je snel weer met manlief tussen de lakens duikt. Kunnen we dan nu stoppen met het vingertje te wijzen en even stilstaan bij het feit dat het allemaal niet zo simpel is?

Journaliste Sofie Peeters schreef er een knaller van een opiniestuk over op de website van De Standaard: “Het is het type sociale druk dat je als meisje zowat vanaf je dertiende begint te ervaren. Het is plotseling heel belangrijk dat je knap bent. Als je lelijk bent of dik, dan zak je op de sociale ladder.”

Een medaille voor de fysieke krachttoer van je leven

Wat voor samenleving zijn we geworden als we uitgerekend naar zwangere en pas bevallen vrouwen een vermanend vingertje opsteken, vraagt Sofie Peeters zich af.

‘Het is een jongetje!’ Ik hoor haar stralen door de telefoon heen. Mijn vriendin is moeder geworden en ze is zielsgelukkig. Al was het zwaar. Drie van de negen zwangerschapsmaanden bracht ze door boven het toilet, een plastic zakje of een willekeurige struik. Al overgevend telde ze de dagen af naar het tweede trimester. Dan maakte de misselijkheid plaats voor bekkeninstabiliteit, chronische rugpijn en als grote finale: een spoedkeizersnede. Fysiek voelt ze zich alsof er een vrachtwagen over haar heen was gereden. Dat ze vandaag alweer kan glimlachen, dat verdient een medaille op zich. Wat een heldin!

Op dezelfde dag verscheen een artikel waarin stond dat de helft van de jonge moeders zes maanden na hun bevalling nog niet ‘op gewicht’ is (DS 14 juni). Gynaecoloog Roland Devlieger droomde hardop: ‘Ik zou iedere vrouw in haar kraambed een weegschaal (…) willen geven.’ Pardon?!

Ik had mijn ogen nog maar net weer fatsoenlijk in hun kassen gestoken, of vorige week donderdag vielen ze er alweer uit. De UGent deed onderzoek naar het seksleven van pas bevallen vrouwen. In de eerste zes weken hebben zij blijkbaar vaak pijn bij de betrekkingen. ‘De bevalling en ook borstvoeding maken het seksueel functioneren moeilijker’, stelde gynaecoloog Steven Weyers (DS 22 juni).

Dat lijkt me een understatement. Mijn gynaecologe raadde me ten stelligste af om überhaupt te proberen seks te hebben, die eerste weken. Logisch ook. Bij een eerste bevalling is de kans groot dat je vagina geknipt of gescheurd is. Of je onderging een keizersnede en je buikspieren zijn doorgesneden. Kortom: je lichaam moet herstellen. Is dat zo problematisch?

Dikke koe

Waarom maak ik me druk om twee krantenartikels? Omdat het symptomen zijn van de ziekelijke manier waarop we als samenleving naar jonge moeders kijken. ‘Denk aan je prioriteiten: slank en sexy zijn!’ Het is het type sociale druk dat je als meisje zowat vanaf je dertiende begint te ervaren. Het is plotseling heel belangrijk dat je knap bent. Als je lelijk bent of dik, dan zak je op de sociale ladder. Het klinkt erg kinderlijk, maar het is een spel dat ook in de volwassen wereld gespeeld wordt. Je doet mee zonder dat je er erg in hebt. En voor je het weet, heb je die kritische, maatschappelijke stem tot de jouwe gemaakt.

Zo sprak ik onlangs een vriendin die zes maanden zwanger is. Ze had een mooie ronde buik, maar de zogeheten zwangerschapsgloed ontbrak. ‘Ik ben al te veel aangekomen’, jammerde ze. ‘Sinds vorige week ben ik op dieet, want het loopt echt uit de hand.’ Bleek dat ze niet meer dan de gebruikelijke kilo’s was aangekomen, maar in haar hoofd strookte haar groeiende lichaam niet met het gangbare schoonheidsideaal. ‘Ik voel me een dikke koe.’ Mijn hart brak in duizend stukjes.

Hoe is het zover kunnen komen? Waarom zijn we niet trotser op ons lichaam en de ongelofelijke prestaties die het levert? Als je beslist om zwanger te worden, koop je een ticket voor een onbekende reis. Met een beetje pech ben je vertrokken voor een maandenlange rit vol vermoeidheid, misselijkheid en nachtelijke spierkrampen. Met wat geluk is het een magisch tripje waarin je grootste ongemak een zure oprisping is. Je weet het niet. Je kent enkel het eindpunt: de bevalling. De fysieke krachttoer van je leven. Zal het vijf of twintig uur duren? Zal mijn vagina openscheuren? Zal ik de pijn aankunnen? Geen idee. Je levert je lichaam over aan de natuur, die erom bekendstaat naast wonderlijk en mooi ook wreed en onverschillig te zijn. Zwangere vrouwen kijken die grillige Moeder Natuur recht in de ogen en zeggen: ‘Bring it on!’ En dat getuigt van tonnen lef. Wat voor een maatschappij zijn we geworden als we uitgerekend naar deze vrouwen een vermanend vingertje opsteken? ‘Jij weegt drie kilo meer dan een jaar geleden! Ga fitnessen, luie trien!’

Sushi-boot

Het is hoog tijd dat we zwangere en pas bevallen vrouwen het respect en de erkenning geven die ze verdienen. We kunnen zelfs meer doen dan dat: ijveren voor een gelijkwaardigere taakverdeling in die eerste, loodzware weken met een pasgeboren kind. Als vaders meer ouderschapsverlof zouden krijgen, zouden moeders meer ademruimte hebben om te bekomen van hun lichamelijke topprestatie. Het zou zowel hun mentale als fysieke gezondheid ten goede komen, evenals de relatie van de vaders met hun pasgeborenen. En als Devlieger vrouwen toch zo nodig iets wil geven in hun kraambed, raad ik hem aan te opteren voor een broodje américain preparé of een sushi-boot. En oh ja, die medaille is natuurlijk ook welkom.

Dit opiniestuk werd integraal overgenomen van De Standaard. Klik hier om het stuk te lezen op standaard.be (DS+).